Mensen die mij een beetje kennen weten dat ik iemand ben die graag overal in gaat. Niet letterlijk, zo’n held ben ik ook weer niet maar ik beleef alles intens. Leuke en niet leuke dingen. Zolang als ik me kan herinneren doe ik dat al zo. Af en toe lastig, soms pijnlijk, maar ook heerlijk en ik zou niet anders willen. Het maakt dat je leeft, je voelt de dingen. Maar dat is een minder handige eigenschap als je zuiniger moet omspringen met je energie. En dat kom ik dus tegen.
Dat meebeleven, meevibreren met alles is iets waar ik niet van af wil, ook niet kan denk ik. Maar dat kost dus ook soms veel energie. En dat nou juist daar een limiet ligt die veel lager is dan dat hij was, dàt vind ik moeilijk te verteren. Dat mijn lijf nu minder aankan, is lastig om mee te dealen en lukt ook lang niet altijd. Ik moet veel vaker dan ik zou willen nee zeggen tegen dingen, of eerder ermee ophouden. Tussendoor even de stilte opzoeken en bijkomen. En ik heb in de afgelopen jaren wel geleerd om ‘nee’ te zeggen. Want ik weet dat als ik dat goed kan, dan kan ik makkelijker ‘ja’ zeggen tegen dingen die ik echt heel graag wil. Prioriteiten stellen. Agenda niet te vol. Dan blijft er ruimte over voor last minute en dat is lekker.
Want dat is een ding wat ik mis. Dingen last minute kunnen doen. Kunnen beleven.
Dat komt deze tijd iets meer naar boven, vooral in gezin en familie. Oudste zoon gaat trouwen, dat zijn voorbereidingen en vantevoren goed bedenken hoe je alles gaat doen zodat je optimaal kunt genieten. Wanneer en hoe je kleren gaat kopen. Hoe je dat gaat en kunt doen de dag zelf. Allemaal dingen die opgelost kunnen worden en ook worden met lieve meedenkers, maar toch.
Mijn schoonmoeder wil graag het huis (en alles wat daarbij komt kijken 😉 )wat meer opgeruimd dan nu en daar helpt de hele familie bij. Ik ben daar niet lijfelijk bij, dat is veel te veel. Ik kan het allemaal niet met mijn spieren maar ook zo’n dag beleven op de manier waarop ik dat altijd deed slurpt energie die ik niet heb. Dus erbij zijn wordt dan al snel niet meer leuk. Voor mezelf niet, voor anderen niet. Dus ik ben er als Hans thuis komt en dat is ook fijn. Het meevibreren op afstand kostte al genoeg energie.. 🤭. Daarbij kreeg ik foto’s gedurende de dag zelf, werd ik echt niet vergeten dus helemaal goed en hartstikke lief. Maar toch, heel even dacht ik ’s ochtends ‘oh, ik zou zo graag…’ Dat soort dingen, het is geen ramp. Maar ik mis het. Soms echt even erg.
Een ander ding dat ik echt mis zijn ongedwongen en spontane contacten.
Want doordat alles zo gepland moet vanwege de energie zijn veel dingen op afspraak. Worden soms nog uitgesteld omdat het de dag niet is en toch niet kan. Dat betekent voor mij dat als het dan wel doorgaat, het ook goed en leuk moet zijn, want zo vaak zie je diegene al niet. En dat maakt de afspraak anders. Minder ongedwongen. En dat op zich kost al energie, voordat de afspraak geweest is! De vriendin moet niet komen en dan naast iemand zitten die weinig kan zeggen omdat ze zo moe is. En die vriendin zal dat met alle liefde doen ook nog, maar ik baal dan. Wilde het gewoon, soort van spontaan, kletsen over triviale dingen.
En ik weet wel dat je als je niet zo hoeft te te denken over je energie je zulke afspraken evengoed ook wel hebt omdat het er anders niet van komt. Maar dan heb je meer. Kom je elkaar misschien tegen bij iemand anders, op een feestje, in het dorp, zijn er meer toevallige dingen. Waar je dan weer op terug kunt vallen in dat bijkletsen.
Dat is ook wat ik mis aan het niet meer werken. Naast het werk natuurlijk, maar ook die contacten. ’s Morgens, voordat je begint, met twee collega’s even samen zitten in de stilte van de ochtend en koffie drinken. Voordat de chaos van de dag begint het even hebben over wat je at gisteren, hoe het regende vannacht, dat het nu alweer maandag is. Verzin het maar. Die dingen. Dat mis ik. Anderen zien, terwijl je aan de slag bent, ergens deel van uit maken.
Samen in de keuken, het eten maken. ‘Geef jij dat even aan, waar had je die schaal gezet?’ Oké, ik weet niet of dat in ons geval een goed voorbeeld is, samen in de keuken is een ding waar onze relatie niet op gebaseerd is, zeg maar, maar je snapt het. 😉
Even kijken of iemand thuis is voor koffie als je toch in het dorp bent. Gewoon, omdat je in de buurt was. Die dingen.
En die zijn er ook wel hoor, want ik kom veel mensen tegen als ik buiten ben. Het gros ken ik niet, maar iedereen is echt vriendelijk, we groeten, en soms blijven we even staan. Gaat het over mijn loopfiets en ‘goh, dat zou ik ook wel willen hoe werkt dat’ of ‘mijn moeder… ‘ .
Even genieten van het zonnetje op een bankje in het park, daar iemand treffen die ook even zo geniet. Zijn vaak leuke prietpraatjes. Even kletsen met de kassière van de drogisterij, daar kan ik ook blij van worden. Even deel uit maken van iets. Dat gevoel. Ik vond dat ook altijd heerlijk van kamperen. Mensen die heen en weer lopen naar de winkel, het toiletgebouw en altijd groeten, lekker weertje, dat.
Maar dat dus. Ik denk dat dat één van de dingen is die ik het meeste mis zelfs, zeker in de winter, als je weinig buiten komt. Wat dat aangaat wonen wij gelukkig heerlijk. Want als het weer dan weer mooier wordt en ik buiten kan zitten in de achtertuin, dan loopt of fietst iedereen langs ons hoekje. Naar het dorp, of terug naar huis.
Vanaf voordat we hier woonden leek me daarom dit plekje al heerlijk. Liep ik langs met de jongens naar de peuterspeelzaal, en dacht ik ‘oh, als je hier woont heb je altijd dat vakantie gevoel!’. En dat heb ik, als ik weer buiten zit. Kan ik heel erg van genieten en alles in me opslurpen. Dus mocht je langskomen, en we zien elkaar: blijf gezellig even staan voor een kletsje!
Plaats een reactie